Geachte Mevrouw de minister,

Recent onderzoek wees nogmaals uit dat de gemiddelde leeftijd waarop kinderen voor het eerst met pornografische beelden geconfronteerd worden, steeds lager ligt. In België is dat voor jongens al vanaf 12.6jaar en voor meisjes, 13.7jaar. De trend doet deze van andere westerse landen waarin onderzoek naar het onderwerp reeds langer bestaat, enkel maar bevestigen. Onze kinderen groeien op in een gedigitaliseerde wereld waar de voorgaande generatie nog net aan ontsnapt is. Het grote verschil ligt hem dus in het feit dat zij niet anders gekend hebben en internet en mainstreammedia hun levensbeschouwing en zelfbeeld conditioneren alvorens zij zelf hun eigen identiteit en waarden kunnen vormen. Zo is dat ook met pornografie. Een kind dat op 12 of 13jarige leeftijd blootgesteld wordt aan pornografisch materiaal, heeft nog geen eigen seksuele identiteit of seksualiteit, laat staan seksuele ervaring, opgebouwd. Concreet betekent dit dus dat de eerste seksuele prikkels geconditioneerd worden door de beelden die zij te zien krijgen op het internet.

Nu wil ik graag uw aandacht vestigen – moest dit nog niet het geval geweest zijn – op de beelden die op het internet vrijgegeven worden. Het hoeft geen verdere uitleg maar ik nodig elke ouder uit om het zeer eenvoudige sleutelwoord “porno” in google in te tikken. Wat u dan te zien krijgt, heeft nog bitter weinig te maken met natuurlijke, seksuele verhoudingen. Ik nodig u uit om stil te staan bij de machtsverhoudingen die in het grote merendeel van de gratis, beschikbare video’s worden meegegeven aan de kijker. Geweld, zij het fysiek of verbaal, wordt in de pornografie ongecensureerd geminimaliseerd. Men denke bijvoorbeeld aan het fenomeen “gangbanging” dat een volwaardige categorie, een “stijl”, op zich kreeg aangemeten binnen de pornografie en bijgevolg in de buitenwereld genormaliseerd werd als “onschuldige” groepsseks daar waar het oorspronkelijk om groepsverkrachting ging. Geweld wordt als het ware geseksualiseerd. Het wordt als trigger ingezet om de seksuele beleving uit te lokken. Ik laat u verder nadenken over de gevolgen dat dit met zich meebrengt. De sociale constructies die gender- maar ook rassendiscriminatie in de hand werken en waar nu – gelukkig – op heel wat niveaus zo hard tegen gevochten wordt, krijgen binnen de pornografie de vrije loop. Hoe komt het toch dat de porno-industrie gespaard blijft van alle regels en wetten waar andere industrieën voor op de vingers worden getikt?

De gevolgen van pornoverslaving – een fenomeen dat de laatste jaren explodeert en steeds op jongere leeftijden voorkomt – zijn angstaanjagend. Niet enkel voor de seksuele, fysieke en mentale gezondheid van de gebruikers maar ook van derden. Verbanden worden steeds meer gelegd tussen seksueel geweld binnen relaties en seksueel misbruik enerzijds, en overmatig gebruik van pornografie, anderzijds. Opnieuw, met voorvallen van steeds jongere daders en slachtoffers!

De geseksualiseerde maatschappij waarin wij tegenwoordig leven, verklaart wellicht waarom pornografie moeiteloos en ongestraft zijn weg gevonden heeft in ieder huishouden. De porno-industrie is bovendien een zeer machtige miljoenenindustrie dus waarom zou de politieke wereld ervan wakker liggen? Misschien omdat die industrie ongeëvenaarde, seksistische en racistische boodschappen uitdraagt? Misschien omdat die industrie, bovenop de maatschappelijke schade, een waar gezondheidsrisico inhoudt?

Daar waar onze buurlanden stilaan aan de alarmbel trekken en de nodige maatregelen treffen, worden de ogen in België alweer dichtgeknepen. Wie vandaag nog gelooft dat kinderbeveiligingen op de computer thuis of op school voldoende bescherming bieden, loopt het échte probleem faliekant mis. Opvoedingsprogramma’s zien elders steeds vaker het licht om ouders, medisch- en opvoedend personeel de juiste middelen te bieden om onze kinderen een alternatief te bieden voor wat zij op het internet voorgeschoteld krijgen maar Sensoa, de referentie voor seksuele gezondheid in Vlaanderen, kaart het onderwerp nauwelijks aan. Allesoverseks.be zet al een stap verder doch met voorzichtige stapjes vooruit en reuzestappen achteruit – ik verwijs hier o.a. naar de reacties van ouders op één van sensoa’s laatste publicaties in het primair onderwijs – zal men de porno-industrie, die tientallen jaren voorop staat met het “opvoeden” van nieuwe generaties, weinig tegenkanting kunnen bieden!

Mevrouw de minister, ik hoop niet de eerste te zijn die u aanschrijft rond deze problematiek. Ik hoop eveneens dat u het onderwerp de nodige aandacht zal willen schenken en zo snel mogelijk, efficiënte middelen zal inzetten om de seksualiteit en, bijgevolg, de gezondheid van onze kinderen te beschermen. Er is nood aan opvoedingsprogramma’s voor jongeren, voor ouders, voor leerkrachten en voor medisch en paramedisch personeel om op tijd signalen op te vangen en waar nodig bij te sturen. De realiteit van de generaties die ons opvolgen is radicaal veranderd en zij die vandaag de dag vooraan in de klas staan, jonge patiëntjes ontvangen in hun praktijk, goochelen om de tijd te vinden voor de opvoeding van hun kinderen,… hebben nog net het geluk gehad in alle naïviteit hun identiteit en seksualiteit te ontdekken en zijn bijgevolg onwetend en onbezorgd over wat er in de hoofden van hun kinderen gebeurt. Laten we de porno-industrie niet langer de seksualiteit van onze kinderen wegkapen met alle gevolgen van dien…

Ik dank u voor uw aandacht. Hoogachtend,

 

Advertenties