door Ida Dequeecker

Het hoogste glazen plafond verbrijzelen? Te weinig en te laat.

Hillary Clinton is de verliezende winnares van de Amerikaanse verkiezingen. Ze kreeg de “popular vote” met een indrukwekkende twee miljoen stemmen meer dan Trump. Er zijn zelfs vermoedens van onregelmatigheden in bepaalde stembureau’s. Een hertelling van de stemmen komt er aan in drie staten. (1) Het hoogste glazen plafond is gebarsten. Maar het verandert niets aan het feministisch debat over de verkiezingsuitslag in de VSA.

Het gewicht van de witte vrouwelijke stemmen

Het blijft een feit dat een meerderheid van witte vrouwen voor Trump koos. En dat zwarte en latino vrouwen overwegend Clinton stemden. Dankzij hen kreeg Clinton meer vrouwelijke kiezers achter zich dan Trump.(2)

Het is even slikken: liever het “pussy grabbing “ dan het verbrijzelen van “het glazen plafond” ?! (3) Of toch niet? De aanhangsters van Trump, gerustgesteld door de vergoelijkende woorden van dochter Ivanka, waren bereid het beschamende “pussy grabbing” er bij te nemen in ruil voor het “hogere goed” dat hij beloofde, Amerika terug groot maken, Amerika heroveren op migranten, drugsdealers en verkrachters en de economie en werkgelegenheid voor eigen wit volk aanzwengelen.

Als de hoop was gewekt dat Trump’s graaien en aanranden van vrouwen doorslaggevend zou worden in de verkiezingsstrijd, dan was dat omdat daarover zoveel méér deining om ontstond dan over zijn racisme, dat de werkelijke inzet van de verkiezingen bleek te zijn.

Kleine kruispuntanalyse

Het success van Trump kan men niet begrijpen als men enkel de factor geslacht in rekening brengt. Een kruispuntbenadering, die bijvoorbeeld geslacht combineert met ras en klasse kan dat wel.

Kiezers die én vrouw zijn, én wit, én middenklasse, én financieel veilig stemden in meerderheid op Trump samen met kiezers die én man zijn, én wit, én middenklasse én financieel veilig. Doorslaggevend was dat ze zich schrap zetten voor het behoud van hun gepriviligieerde positie. Gekleurde kiezers stemden in overgrote meerderheid op Clinton. Bekeken over de drie laatste presidentsverkiezingen blijkt dit een constant patroon. Het gaat niet zozeer om een verzet van het volk tegen de elites, maar om een strijd tussen twee tegengestelde visies op de samenleving: voor of tegen stedelijkheid, diversiteit en openheid ten aanzien van de andere. (4)

Dat de witte gepriviligieerde stemmen doorwegen ligt aan het Amerikaanse verkiezingssysteem. Het bevoordeligt de witte kiezers. Het is niet proportioneel en niet direct. De twee traditionele grote partijen hebben afwisselend de politieke macht in (witte) handen en geen van beide was er tot nog toe voor te vinden om het systeem te wijzigen. (5) Voor de top van de Democratische Partij was de gevestigde politica Clinton de garantie voor de voortzetting van dat systeem, meer dan haar onverwacht succesvolle tegenkandidaat Bernie Sanders.

De Glazen Plafond retoriek

Met de niet verkiezing of de bijna verkiezing van een vrouwelijke president in de VSA ging even heel veel aandacht naar de kwestie van het glazen plafond.

De VSA lopen aardig achter op de rest van de wereld. Al heel wat vrouwen bereikten zonder de “glazen plafond” retoriek de politieke top. De eerste in de wereld was Banderanaike die in 1960 tot premier verkozen werd in Sri Lanka. De eerste in Europa en dus in het westen was premier Margaret Thatcher in het Verenigd Koninkrijk in 1979.

De symboliek van het glazen plafond werd bedacht in de jaren 80. Het verbeeldt de onzichtbare seksistische barrières waarop vrouwen stuiten om bij gelijke of zelfs grotere bekwaamheid door te dringen tot diverse topposities op diverse niveau’s in de maatschappij. Dat is een gedocumenteerde sociologische bevinding. Maar erg bruikbaar is die niet om concrete unieke individuele personen te promoten of hun verkiezingsuitslag te verklaren.(6)

Er heeft meer gewogen op het resultaat van Clinton dan het glazen plafond: de schandalen rond haar persoon, haar partijpolitieke machtspositie, haar programma, haar politiek in het verleden, haar banden met het grootkapitaal. Haar glazen plafond verkiezingsretoriek verengde tot een feministisch formalisme: de symbolische functie van vrouwen in top posities als positieve vrouwelijke rolmodellen en natuurlijk anti-seksisme. Het was te weinig en te laat. Vrouwen bereiken de top, ondanks het seksisme dat nog even heftig is als toen Thatcher in het parlement onthaald werd op “ditch the bitch” spreekkoren.

Clinton en feminisme

Kritische feministen hebben het feminisme van Clinton “imperial feminism” genoemd, of “corporate feminism” of nog “neoliberal feminism”. (7) Het duidt op de inbedding van haar feminisme in de gevestigde orde. Clinton belichaamt die orde politiek (als first lady van Bill, als senator voor New York en als secretary of state onder Obama) en maatschappelijk (haar betrokkenheid op en omgang met de sociaal-economische elite en de bedrijfswereld).

“Giving women the tools to fully participate in their economies, societies and governments” is Clinton’s feministische boodschap: vrouwen de middelen aanreiken om voluit deel te nemen aan het systeem zonder dat aan de structurele ongelijkheid van de bestaande sociaal-economische en politieke (wereld)orde geraakt wordt. Empowerment heet dat. “Clinton’s long history of support for women’s empowerment” is de motivatie van mainstream feministische organisaties als de National Organisation of Women (NOW) om Clinton kritiekloos te steunen, al van toen ze de democratische tegenkandidate was van Obama.

Clinton zelf is hét feministische rolmodel van empowerment. Maar voor wie biedt dit een concreet bevrijdende perspectief? Niet voor werkloze vrouwen, vrouwen die zich afsloven in sweatshops, vrouwen die het huishouden doen voor andere vrouwen, “illegale” vrouwen, vrouwen die racistisch bejegend worden, vrouwen die onder bommen leven of ervoor op de vlucht zijn. De enigen voor wie Clinton’s boodschap iets betekent zijn de gepriviligieerde vrouwen, zoals “Feminists for Clinton”. Dat is een groep van 250 academische en activistische vrouwen, die Clinton’s “krachtig en inspirerend pleidooi voor de mensenrechten van vrouwen” roemen evenals haar “enorme bijdrage” als beleidsmaakster.

Een voorbeeld van Clintons feminisme is haar houding toen ze het tot lid geschopt had van de raad van bestuur van de supermarktketen Walmart (van 1986 tot 1992). Toen het bedrijf alles in het werk stelde om de syndicalisering van het overwegend vrouwelijk personeel tegen te gaan, zweeg Clinton. Vervolgens kreeg ze voor haar campagnes regelmatig financiële steun van de eigenaars van Walmart .

Het feminisme van Clinton is genesteld in de imperialistische politiek van de VSA, waaraan zij volmondig meewerkt. Die misbruikt enerzijds de verdediging van vrouwenrechten en democratische vrijheden om oorlogen te rechtvaardigen. Anderzijds steunt die regimes die vrouwenrechten schenden. Dat alles uiteindelijk in naam van het veilig stellen van de Amerikaanse economische belangen. Daarmee doen alweer gepriviligieerde Amerikaanse vrouwen hun persoonlijk “feministisch” voordeel, terwijl hun geweten gesust is door Clinton’s verkiezingsbelofte dat ze vrouwenrechten en gendergelijkheid wereldwijd zal promoten, “omdat in te veel delen van de wereld vrouwen nog altijd stuiten op sociale, economische en wettelijke barrières”. (8)

Op een verworven feministische kwestie als het recht op abortus spaart Clinton de geit en de kool, om rechts niet voor het hoofd te stoten. Haar woorden zijn dubbelzinnig (abortus moet “safe, legal and rare” zijn (mijn nadruk)) én haar daden (ze koos de conservatieve Tim Kaine als running mate, niet meteen een voorvechter van het recht op abortus). Houdt dat woordje “rare” (zeldzaam) soms de deur open voor de beperkende voorstellen van rechts?

Onder druk van haar tegenkandidaat in de voorverkiezingen, Bernie Sanders, had Clinton feministische punten als betaald ouderschapsverlof, een verhoogd minimumloon en meer kinderopvang in haar programma opgenomen. Hoe ver ze zich daarvoor als president écht zou engageren maakte ze in haar campagne niet duidelijk.

Kritische feministen verwijten Clinton dat zij als presidentskandidate het inhoudelijk debat, dat zich met Bernie Sanders had ontwikkeld in de voorverkiezingen, heeft laten varen. Ze gaf de voorkeur aan een morele kruistocht tegen de mysogiene Trump en profileerde zich als de vrouw die het van zo’n misselijke tegenkandidaat moest halen. Kritische feministen verwijten ook de grote mainstream feministische organisaties dat ze dat spel meespeelden.

Thatcher, Clinton en feminisme

Een vergelijking van Hillary Clinton met Margaret Thatcher, die 33 jaar voor Clinton het destijds hoogste Westerse glazen plafond verbrijzelde toen die beeldspraak nog niet in was is verhelderend. Postuum wordt Thatcher opgevoerd als het feministisch rolmodel, dat zijzelf in haar tijd nooit had willen zijn en dat Clinton wel zo graag wil zijn.

Thatcher en Clinton zijn beiden vrouwen in machtsposities in het westen zij het in verschillende periodes. Clinton beroept zich openlijk op het feminisme, Thatcher haatte het openlijk (9). Clinton had de beeldspraak van het glazen plafond mee, Thatcher kwam aan de macht net voor die beeldspraak bedacht werd (10). Clinton kreeg de steun van feministische organisaties, Thatcher helemaal niet.

Feminisme was in de tijd van Thatcher net nog een overwegend radicale beweging. De mainstreaming en institutionele integratie van feminisme stond in zijn kinderschoenen. Thatcher kon nog zeggen dat feminisme verleden tijd was: “The battle for women’s rights has largely been won. The days when they were demanded and discussed in strident tones should be gone forever. I hate those strident tones we hear from some Women’s Libbers”. (11) Thatcher haatte alles wat links en radicaal was. Feminisme zat in die hoek en dus had ze er niets mee te maken. De afkeer was wederkerig.

Vandaag is het radicale feminisme gemarginaliseerd. Een in het systeem ingebed feminisme is nu dominant of mainstream. Het gaat ervan uit dat de voorwaarden voor de gelijkheid van vrouwen en mannen vervuld zijn in de wereld zoals hij is, althans in het westen.

Dat ingebed feminisme is verengd tot een kwestie van (individuele) man/vrouw verschillen en verhoudingen, los van klasse, kleur, afkomst en andere verschillen en ongelijkheden. Het combineert een traditionele (essentialiserende) visie op vrouwelijkheid en mannelijkheid met een ideologie van individuele vrijheid en zelfbevrijding. Sterke vrouwen komen er wel op eigen kracht en zonder hun vrouwelijkheid te verliezen. (12) In de politiek of het bedrijfsleven zorgen ze voor een specifieke meerwaarde. Bijvoorbeeld door hun andere (vrouwelijke) stijl van leidinggeven, door hun (vrouwelijke) no-nonsense manier van aan politiek doen.(13) Dat soort dingen, die niet raken aan de gevestigde patriarchale sociaal-economische en gender orde. Moest Thatcher vandaag leven, zou ze zich wellicht, zoals Clinton, in die vorm van individueel empowerings- of machtsfeminisme kunnen herkennen. Een hele hoop Trump aanhangsters doen dat alvast ook en ze putten er de trots uit om net wél Trump te stemmen. (14) Met andere woorden, dit feminisme is té mainstream gegaan om er een electorale troef van te maken.

De ironie van de geschiedenis is dat het neoliberalisme en de filosofie van de antifeministische Thatcher de ideologische basis leverde voor dit populaire fletse mainstream geworden feminisme. Het kreeg onder meer vorm in een beleid, dat vooral afgesteld is op de zelfemancipatie van middenklassevrouwen en dat sociale afbraak en bezuinigingen ten koste van vrouwen doorvoert onder het mom van formele gelijkheid. Het kreeg vervolgens ook vorm in de constructie van een superieur westers vrouwenemancipatiemodel, dat een centrale plaats kreeg in islamofoob, xenofoob en racistisch discours.

Feminisme is dus terug in, zolang het maar niet dat oude “klaagfeminisme” is of nog erger het vroegere “hyperdoctrinaire” feminisme (15). Feministen zijn OK zolang het maar niet die oude “tuinbroek- en soepjurken” dragende “lelijke” vrouwen zijn. (16)

Thatcher en Clinton vertonen veel “neoliberaal feministische” gelijkenissen. Beide zijn in hun gedrag super individualistische vrouwen. Thatcher ondanks haar antifeministische retoriek, Clinton dankzij haar feministische retoriek. Het tijdsgewricht en de politieke opportuniteit bepalen of ze feminisme omarmen of niet, ongeacht hun politiek programma.

Westerse Waarden, seksisme en racisme

Na de verkiezing van Trump volgde een uitbarsting van Trump gerelateerde “hate incidents” tegen immigranten, zwarten, joden, vrouwen, moslims, LGTB personen. In scholen, universiteiten, openbare plaatsen, op het werk…(17)

Het duwt het Westen met de neus op een onverkwikkelijk feit. Ondanks die hoogst geprezen universele waarde van “gelijkheid van man en vrouw” staat openlijk seksisme succes niet in de weg. Men vindt er altijd wel een excuus voor. Een verspreking, kleedkamer opschepperij van de een of andere individuele man, toevallig de toekomstige president van de VSA.

Ondanks die andere universele waarde van gelijkheid werkt openlijk racistische praat succes ronduit in hand. Het hoeft geen excuus. Het heeft immers het aanschijn van een legitieme bescherming van de eigen cultuur tegen vreemde invloeden onder het mom van vrije meningsuiting. In het beste geval worden alleen extremere uitingen van racisme als dusdanig erkend en eventueel veroordeeld.

Westerse waarden zijn goed op weg om niet meer dan waardenloze mantra’s te worden, vrij te gebruiken om een illusie van de eigen culturele superioriteit in stand te houden tegenover mensen met “niet westerse” culturele achtergronden. De toekomstige machtigste man ter wereld mag vrouwen bepotelen en aanranden, maar om immigranten-met-een-hoog-risico op te sporen is in de vragenlijst ook de obligaat geworden vraag opgenomen naar wat ze denken over … de gelijkheid tussen man en vrouw.(18)

We kunnen er ons vanaf maken met een grapje: misschien denken ze wel hetzelfde als Trump of net niet… Maar het is alles behalve grappig natuurlijk. Het gaat over islamofoob en racistisch misbruik van een waarde, die dankzij een volgehouden feministische strijd erkend is als een universele waarde. Tot nog toe werd dit misbruik benoemd als kaping (vaak door heren van stand) van het feminisme. Maar als zo’n kaping gehoor krijgt bij allerlei zich feminist noemende vrouwen en organisaties, is er meer aan de hand dan een kaping en heeft “het feminisme” een groot probleem.

Vele feminismen

Meer dan ooit is duidelijk dat er vele feminismen zijn en dat ze elkaar meer en meer uitsluiten op essentiële punten als intersectionaliteit, inclusiviteit, anti-racisme, antimilitarisme, internationalisme, gender kritiek, strijd tegen alle vormen van ongelijkheid en geweld, verdediging van het recht op seksuele vrijheid, het recht op zelfbeschikking, de zorg voor het milieu.

Radicale en linkse maatschappijkritische feministische stromingen, die zo’n kruispunt analyse maken van onze complex ongelijke wereld, zitten vandaag in het defensief, maar ze roepen gelukkig wel hard (al zou men soms gaan aarzelen om zich in die dominerende feministische rotzooi nog feminist te noemen).

Clinton of Trump, de feministische actie van onderuit is uiteindelijk de enige weg, ook al is die bezaaid met ernstige hinderpalen en/of teleurstellingen.
In die zin laat het hoogste glazen plafond ons koud. Wat ons des te meer bezighoudt is samen werken aan feministisch alternatieve programma’s en actieplatformen, voorbij de simplistische man/vrouw opdeling.

Ida Dequeecker

Voetnoten

  1. Meer hierover en over de diverse intenties, o.a. van de groene presidentskandidate Jill Stein, die overigens heel wat kritiek op Clinton heeft, om in een aantal staten hertellingen te vragen (waarin ze intussen geslaagd is), zie o.a. http://www.politico.com/story/2016/11/clinton-lead-popular-vote-2016-231790 Die hertellingen zijn nu een feit en het Hillary team schaart er zich achter tot ergernis van Trump. Zie o.m. Le Monde van 29/11/2016.
  2. Uit de exitpolls – een bevraging van kiezers bij het verlaten van het stemhokje – blijkt dat meer vrouwen dan mannen gingen stemmen (52%). Iets meer dan de helft daarvan (54%) koos voor Clinton, 42% voor Trump. Van de zwarte vrouwelijke kiezers stemde 94% op Clinton, maar ze maken slechts 7% uit van alle kiezers uit. Van de Latino vrouwelijke kiezers, 6% van alle kiezers, stemde 68% op Clinton.
    Veruit de grootste groep vrouwelijke kiezers waren witte vrouwen: 37% van het totaal aantal kiezers. Daarvan stemde 53% op Trump en 43% op Clinton!
  3. cfr bv Irene De Bel “Hoe schokkend is het dan ook om te ontdekken dat juist de vrouwen Trump het Witte Huis in hebben geholpen”, Liever grab them by the p***y, dan de eerste vrouw, http://www.opzij.nl/nl/artikel/46701/liever-grab-them-by-th-py-dan-de-eerste-vrouw.html
  4. cfr Jacques Lévy, Les Riches ont voté Trump, les villes Clinton, Le Monde van 17/11/2016
  5. zie Lode Van Oost in DWM: http://www.dewereldmorgen.be/artikel/2016/11/07/negen-redenen-waarom-verkiezingen-vs-niet-eerlijk-verlopen
  6. Zoals bv Karlijn Van Houwelingen lijkt te doen: Nog altijd stemde 42 procent van de Amerikaanse vrouwen op Donald Trump. Het antwoord is eigenlijk heel treurig: gelatenheid. Ze kijken er niet van op, gaan ervan uit dat het bij het leven hoort. Ach ja, zo zijn mannen, heb ik vaak gehoord. Of zelfs: ‘Alle mannen met macht zijn varkens.’ Lijkt me het perfecte argument om daar eens een vrouw neer te zetten, maar die kans is in ieder geval voor de komende vier jaar verkeken. https://www.opzij.nl/nl/artikel/46704/een-groot-deel-van-amerika-begrijpt-er-niks-van.html
  7. Zie Zillah Eisenstein, Clintons imperial feminism, https://www.thecairoreview.com/essays/hillary-clintons-imperial-feminism/
    Kathleen Geier, Why feminists should’nt trust Clinton, https://newrepublic.com/article/137862/feminists-shouldnt-trust-hillary-clinton ;
    Kevin Young en Diana C. Sierra Becerra, Hillary Clinton and corporate feminism, http://www.google.solidarity-us.org/site/node/4390
    Dit stukje over Clinton en feminisme haalt veel uit deze artikels.
    Ook interessant is: American elections: a dialogue on the left between Arato & Fraser,
    http://www.publicseminar.org/2016/09/american-elections-a-dialogue-on-the-left/#.WDq1TxwXq68
  8. Zie website Hillary Clinton http://www.hillaryclinton.com/issues/womens-rights-and-opportunity/ ).
  9. ‘The feminists hate me, don’t they? And I don’t blame them. For I hate feminism. It is poison” (Feministen haten mij. Ik verwijt het hen niet. Want ik haat feminisme. Het is vergif) http://www.newstatesman.com/archive/2013/04/margaret-thatcher-feminist-icon
  10. Thatcher werd eerste minister in 1979, het glazen plafond werd bedacht in de VSA in de jaren 80
  11. De strijd voor vrouwenrechten is grotendeels gewonnen. De tijd toen deze geëist en snerpend bediscussieerd werden is hopelijk voor goed voorbij. Ik haat die snerpende toon van feministen. http://www.newstatesman.com/archive/2013/04/margaret-thatcher-feminist-icon
  12. Cfr de visie van Thatcher, die helemaal strookt met dit type feminisme: “ Of course, to be a mother and a housewife is a vocation of a very high kind. But I simply felt that it was not the whole of my vocation. I knew that I also wanted a career. A phrase that Irene Ward, MP for Tynemouth, and I often used was that ‘while the home must always be the centre of one’s life, it should not be the boundary of one’s ambitions’.” Margaret Thatcher, The path to Power (Natuurlijk, moeder en huisvrouw zijn is een hoogst verheven roeping. Maar voor mij was het gewoonweg niet mijn ganse roeping. Ik wou ook een carrière. Irene Ward, MP voor Tynemouth, en ik zegden vaak ‘thuis moet altijd centraal staan in je leven maar het mag niet de begrenzing betekenen van je ambities’)
  13. Cfr nogmaals Thatcher en het parallelisme met dit type feminisme “I’ve got a woman’s ability to stick to an job and get on with it when everyone else walks off and leaves it”
    https://www.brainyquote.com/quotes/authors/m/margaret_thatcher.html
  14. Bijvoorbeeld: “I believe in equality between the sexes. I have the right and capability to make my own decisions, and live the life I choose for myself. Because I am a feminist I know and exercised my right not to be put in a box or voting group and to freely think and make my own judgment as to who I thought would be the best candidate for president. It is a mistake to believe a feminist must support someone because of their anatomy and not their actions. A feminist does not blindly do what she is told or expected, she thinks and makes her own choices.” https://www.theguardian.com/commentisfree/2016/nov/17/feminist-vote-for-donald-trump-women-hillary-clinton-gender
    Zie ook Jessica Valenti, The Empowerment trap: Ivanka Trump and the art of co-opting feminism https://www.theguardian.com/world/2016/nov/15/ivanka-trump-feminism-us-election
  15. Telkens weer duikt dat denigreren van het oude (tweede golf) feminisme op, zelfs in een tof gesprek met jonge feministen in Humo (01/03/2016) onder de titel: Niet zo brave borsten (sic): Humo’s grote feminisme debat.
  16. Evie Embrechts, Ida Dequeecker, Nina Nijsten, Angst voor haar en tuinbroeken: solidariteit en competitie tussen feministes, https://tweedesekse.wordpress.com/2014/09/06/angst-voor-haar-en-tuinbroeken-solidariteit-en-competitie-tussen-feministes/
  17. There’s been an ‘outbreak’ of nearly 900 hate incidents since Trump’s win. A new report says president-elect is to blame for the wave of hatred. http://www.huffingtonpost.com/entry/donald-trump-hate-incidents_us_583dd8bfe4b0860d6116bf95?utm_medium=email&utm_campaign=Black%20Voices%20112916&utm_content=Black%20Voices%20112916+CID_c8130579dbd0ef659da632a70692f777&utm_source=Email%20marketing%20software&utm_term=Read%20more&
  18. Het is een van de uitgelekte voorstellen van Trump’s adviseur voor immigratie http://www.standaard.be/cnt/dmf20161122_02584947
Advertisements