Dit is een beschrijving van de gebeurtenissen rond een aanranding bij het Gentse AC, een anarchistisch centrum waar lezingen en volkskeukens plaatsvinden. Ik schrijf dit in de hoop dat dat voor iemand leerrijk kan zijn. En omdat ik vind dat we al te vaak zwijgen over de dingen die we meemaken en dat het aanwezige geweld in een maatschappij niet verzwegen mag worden. Voor velen zal het herkenbaar zijn: je bent niet alleen.

Trigger warning voor seksueel geweld, maar ik ga niet in op details. Wel op de gevolgen en alles errond.

Ik werd aangerand in 2007 door een vaste bezoeker van het AC. Geen onbekende gek in de bosjes, dat is het meestal niet. Mensen kenden hem, mensen vonden hem sympathiek – twee feiten die voor de meeste daders gelden. Hij had ook toen al vier vrouwen verkracht en nog een vrouw geslagen, maar die feiten waren niet bekend. De vrouwen die dat hadden meegemaakt hebben dat niet heel openbaar gemaakt. Waarom zouden ze ook, meestal geloven ze je toch niet.

Behalve de mensen die zoiets zelf hebben meegemaakt, die weten hoe het zit. Toen mijn verhaal wat bekender werd, kwamen heel wat mensen hun verhaal vertellen. Ik was verbijsterd, ik merkte dat er een enorme onderstroom van verhalen en gebeurtenissen waren die nooit werden besproken. Ongeveer een jaar eerder had een vriendin van me verteld dat ze verkracht was, het verhaal was voor mijn oren toen vaag en ik snapte het eerst niet goed, tot ik er over nadacht. Feminisme, je moet het leren.

Het is dankzij mijn vrienden dat deze zaak, hoe moet ik het zeggen, nog wat positieve kanten gekend heeft ook. Ik heb klacht neergelegd maar veel haalde dat niet uit. Of wel, vijf jaar later heb ik een schadevergoeding gekregen… waar ik nu belastingen op moet betalen. Belastingen op schadevergoeding… Ik draaide ook op voor de kosten van de “expert”, ook al werd de dader veroordeeld. Een expert, dat is een psychiater die je twintig minuten ziet en dan een uitspraak doet over hoeveel van hoe slecht je je voelt, te wijten is aan die aanranding. En je dan meer dan 1600 euro rekent daarvoor. Duizend zeshonderd euro? Ja echt.

Mijn vrienden hebben toen de zaak aangekaart bij het AC – jullie weten wie jullie zijn, en ik ben jullie met heel mijn hart dankbaar. Gezien het anarchisten zijn is er geen officieel bestuur daar, maar wel een samenkomst van mensen die alles daar georganiseerd proberen houden. Daar werd de zaak aangekaart. Er werd mij gevraagd om daar wat uitleg te komen geven, vragen te beantwoorden, maar dat is me toen nooit gelukt.

Er gebeurde wel iets: de dader werd geweigerd in het AC. Tot wanneer was niet helemaal duidelijk, tot ik me beter voelde, tot er tijd passeerde, dat wist ook niemand hoe te beslissen, in ieder geval gebeurde het. Drie mensen gingen naar het huis van de dader om het hem te vertellen, dat hij niet meer welkom was.

En toen begon de discussie. Eén van mijn vrienden had voorgesteld dat, als ik het goed vond, het misschien positief kon zijn als dit besproken kon worden. Ik gaf toestemming, en toen werd het ook besproken.

Initieel was die discussie vrij walgelijk. Het is door een aantal mensen – vrienden, mensen die zoiets ook hadden meegemaakt, wat meer feministisch ingestelde mensen – dat dit nog is goedgekomen. Er zijn wel de nodige verhitte discussies geweest. Het weigeren van iemand uit het AC was sowieso al niet echt iets wat vaak gebeurde. Er werd wel eens een dronkelap buitengegooid voor een avond, maar niet veel meer.

Wat was er eigenlijk gebeurd, was het wel allemaal zo erg, lokte ze het zelf niet uit, etcetera. Alle stereotiepe excuses kwamen aan bod, zoals altijd.

De dader kwam dan ook nog eens uit Algerije, wat voor nog meer discussie zorgde. Was ik, zo vroegen mensen zich af, niet gewoon racist. En stel je voor, ik kon wel geen klacht indienen want dan was er nog kans dat hij werd teruggestuurd ook (ik diende wél klacht in, dat terugsturen is niet gebeurd). Waarom doet nooit iemand iets tegen blanke aanranders die daar rondlopen, zie je wel? Er was rond het AC nog wel enige reflex van sympathie voor mensen zonder papieren en een beetje kennis van antiracisme, maar kennis rond geweld op vrouwen was er weinig te bekennen.

Met een van de mensen die zoiets gezegd had, heb ik een lang gesprek gehad. Dat leek wel te helpen. Een gesprek in het AC zelfs, waar ik toch nog binnen kon gaan. Mijn vrienden kwamen me een tijdje halen van de bus of mee wandelen, zodat ik niet alleen door die buurt moest. Mijn hartslag gaat nog altijd omhoog daar. Eigenlijk is dit de voornaamste reden dat ik nu al jaren niet meer in het AC kom. Ik heb geen zin in die negatieve gevoelens. Er is ook nog altijd veel seksisme. Maar: ik ben wel terug kunnen gaan. Doordat de dader werd uitgesloten, was het niet het slachtoffer dat nog eens extra gestraft en uitgesloten werd. Want dat is de keuze: je kiest voor het slachtoffer, of voor de dader. Mensen kiezen vaker voor daders dan slachtoffers, waarom?

In 2007 was er geen autonome feministische groep meer in Gent. De Feministisch Anarchistische Madammen (FAM) hadden al opgehouden te bestaan, en de Feministische actiebende (FAB, nu FEL) zou pas een jaar later worden opgericht. Het effect daarvan was duidelijk: weinig discussie, vorming, kritiek rond seksisme. Door deze zaak begon de discussie terug. En mede hierdoor kwamen een aantal mensen elkaar tegen, die dan in 2008 terug een feministische groep zou oprichten. Zeker de helft van die groep had vanalles meegemaakt, dat is niet verbazend als je de statistieken kent maar het was mooi dat we een groep konden proberen zijn. Mooi maar niet gemakkelijk. Mensen uit die groep gingen mee naar de rechtbank voor mijn zaak, ik ging dan weer mee naar politiekantoor en rechtbank om een andere vrouw te helpen.

Na een hele tijd merkte ik toch een beetje een verschuiving. Er zijn altijd wel wat goedbedoelende mensen met gebrek aan inzicht die wel openstaan voor een nieuwe kijk – dat openstaan voor kritiek is wel eens een probleem. Dus het voelde voor mij wel alsof er in het AC een iets betere sfeer was qua seksisme. Niet veel, maar wel iets.

Een jaar of twee later kwam ik een man tegen die daarover begon tegen mij. Een sympathieke, zachte man die zich inzette voor veel goede zaken en er toch niks van begrepen had. Wat helaas ook weer typisch is. Hij had gehoord van het voorval, en hij vroeg zich af of die dader niet teveel als voorbeeld werd gebruikt, dat een aantal feministes waren samengekomen en besloten nu maar eens flink uit te halen als waarschuwing voor andere mannen. Ja, nu klinkt dat belachelijk en walgelijk maar toen wist ik echt niet wat zeggen. Hij wist ook nog te zeggen dat die man toch wel erg geleden had onder de uitsluiting uit het AC. Goed, riep ik ineens, mezelf verbazend. Hij schrok, dat had ie niet verwacht. En toen… toen vertelde hij over nog een vrouw van wie hij gehoord had dat ze door diezelfde dader verkracht was.

Dit is precies wat de feministische beweging – en andere bewegingen die pretenderen progressief te zijn – moet uitroeien opdat er ooit een wereld zonder geweld zou mogelijk zijn. Dit soort van halsstarrig negeren van de werkelijkheid, oogkleppen tegen de realiteit.

Een andere man draaide eerder bij. Hij zat ook met heel wat domme opmerkingen, een vriendin van me die welbespraakt is gaf hem een verbale heftige uitbrander / opvoeding en toen beterde het. Het kan dus, maar het is niet gemakkelijk.

Later heb ik ook lezingen gegeven. Ik gaf in datzelfde AC een lezing over geweld op vrouwen. Een overwinning, daar mag je zeker van zijn.

Mensen denken nog altijd dat je het kan zien aan daders: ze zijn groot en gemeen en verstoppen zich in bosjes. Nee, sommige daders zijn vechters voor een betere wereld, vluchtelingen, rijken en armen, socialisten, anarchisten, groenen. Sommige daders lijken/zijn zacht, aardig, sympathiek, hebben kinderen en planten bloemen. Het zien kan je niet en het onvermogen dit toe te geven is een groot probleem. Mensen willen namelijk helemaal niet dat dat zo is. Ze willen dat de wereld simpel is en dat de ander – ver weg – de dader is. Goed en slecht, netjes ingedeeld.

Want anders… anders zouden mensen namelijk een radicale conclusie moeten trekken en dat durven ze niet. Want slachtoffers geloven betekent opkomen tegen geweld en je uitspreken tegen de daders. Betekent nadenken over zaken zoals straf, opvoeding, therapie, uitsluiting… Dat iedereen een dader kan zijn ondermijnt een ordelijk netjes wereldbeeld. De meeste mensen zijn niet radicaal en lopen weg van dit soort zaken. Het is veel gemakkelijker te zeggen dat slachtoffers liegen of het zelf gezocht hebben.

Dan is er nog iets: het gebrek aan respect dat mensen hebben voor de zwakken in de samenleving. Wie hard is, krijgt respect. Wie klappen durft uitdelen, harde zakenbeslissingen nemen, domineren, krijgt respect. Die anderen zijn losers. Ik ben er zeker van dat mannelijke dominantie en geweld ook daardoor overeind blijft.

Bovenstaand verhaal is niet helemaal positief. Het is ook niet helemaal negatief.

Er is nog een reden om je verhaal wel te vertellen, de belangrijkste reden, misschien de enige die er echt toe doet: voor de volgende vrouw.

Meer lezen

255430_427319407313592_1498013499_nWil je je verhaal kwijt? Anoniem of met een schuilnaam kan ook – stuur ons een mailtje.