Door Eva Demuynck. Dit is de volledige versie van het artikel dat ingekort ook op DeWereldMorgen gepubliceerd werd.

Wanneer feministen en andere dissidenten het hebben over de geschiedenis van de (feministische) beweging of een beeld willen schetsen van het patriarchaat is er een invalshoek die veelal over het hoofd gezien wordt: die van het medische patriarchaat en de strijd hiertegen. Deze was – en IS – nochtans onlosmakelijk verbonden met een stevige klassenstrijd. Ook al is de inquisitie voorbij (of denken we dat die voorbij is), deze strijd is nog volop aan de gang en er valt nog heel wat uit te leren…

Vrouwen zijn altijd helers geweest. Zij voerden abortussen uit, waren herboristen, apothekers en gezondheidsraadgevers. Ze zetten gebroken beenderen, naaiden wonden, stonden vrouwen bij tijdens hun bevallingen en verzachtten het leed van stervenden. Zonder schriftelijke diploma’s en beschermde professionele titels, aangezien ze ook systematisch uit het onderwijs werden geweerd. Hun kennis en kunde werd overgeleverd van moeder op dochter, buurvrouw op buurvrouw, en ze werden “Wijze Vrouwen” genoemd door het volk en “Charlatans” door de autoriteiten.

Je zou kunnen stellen dat Geneeskunde doorheen de geschiedenis een voornamelijk vrouwelijk erfgoed is geweest. En tóch is de huidige geneeskunde voornamelijk in mannelijke handen, of toch alleszins de top ervan: in Nederland zijn bvb zeven op de tien artsen een man, terwijl ongeveer 80% van alle zorgverleners vrouwen zijn. (2010, VNVA)

Er is een klassenklimaat gemaakt waarin vooral vrouwelijke, volgzame verpleegkundigen en vroedvrouwen binnen ziekenhuizen de arbeiders zijn die werken voor mannelijke dokters/bazen, die niet in vraag mogen worden gesteld en blind moeten worden gehoorzaamd en gediend.

De afname van vrouwelijke helers en de groter wordende dominantie van mannelijke dokters was geen natuurlijk proces, en is ook niet ‘automatisch’, ‘onopgemerkt’ of ‘per ongeluk’ ontstaan.

Het was een intentioneel en geïnstitutionaliseerd proces, een actieve overname door Kerk en Staat.

De Femina Saga in het middeleeuws Europa.

De overgrote meerderheid van de heksen (ook ‘lay healers‘ genoemd, de amateurgenezers) dienden het boerenvolk. Boeren kwamen van heinde en verre om een Femina Saga te raadplegen, en in tegenstelling tot wat de films en stripverhalen ons doen geloven werden ze met het diepste respect behandeld. Het volk erkende namelijk hun evidence based wijsheden, en vaarde daar doorgaans zeer wel bij. Wijze Vrouwen waren in staat om bvb syfilis te genezen zonder penicilline, tot grote afgunst van de mannelijke medici die met hun handen in het haar bleven zitten. Er zijn middeleeuwse vroedvrouwen geweest met ettelijke honderden bevallingen op hun palmares zonder ook maar één moeder of kind te verliezen (zonder de mogelijkheid tot kunstverlossingen of doorverwijzing).

Het volk schatte hen dus hoog in en vermoedelijk trokken ze soms volksopstanden en steunden ze het verzet tegen leenheren en andere autoriteiten. Waar ze spraken, werd er immers naar hen geluisterd. En dat was niet naar de zin van Kerk en Staat…

Heksen – en intelligente, verbale vrouwen tout court – representeerden een politieke, religieuze en seksuele bedreiging:

Seksueel, aangezien de Kerk de vrouw associeerde met seksualiteit en tegelijk alle plezier in seks veroordeelde; dat kon namelijk enkel des duivels zijn. De heks haalde in de ogen van de Kerk haar krachten uit haar vrouwelijke seksualiteit en werd daarom gezien als de oorzaak van alle mogelijke en onmogelijke seksuele ‘misdaden’. De heks werd beschuldigd van copuleren met de duivel, en van mannen ‘infecteren’ met lustgevoelens. Ook wanneer mannen impotent werden was de heks de schuldige. En heksen zorgden voor contraceptie en abortussen, en bijgevolg een vrijere vrouwelijke seksualiteit.

Politiek, aangezien ze zich organiseerden. Lay-healers kwamen meerdere keren per jaar samen op de Sabbath’s om de Godin te eren, hun kennis en vaardigheden uit te wisselen en om nieuws over te brengen. Waarschijnlijk ontstonden er tijdens deze heksenbijeenkomsten ook netwerken voor rebelse boerenopstanden.

Religieus, omdat wat ze deden ook effectief werkte: ze konden daadwerkelijk zieken genezen (en was dat niet in God’s handen? Hoe kon God Zijn wil laten geschieden doorheen vrouwen?? Dat moést het werk van de Duivel zijn!) en ze konden bevallingen vlotter doen verlopen en pijn verzachten. Dàt was waarschijnlijk juist één van de grootste doornen: “No one does more harm to the Catholic Church than midwives” schreven Kramer en Sprenger, twee heksenjagers.

Hoe onafhankelijker het volk was van de angst-inducerende Kerk, hoe gevaarlijker het was.

Genoeg redenen dus om die autonomie in de pan te hakken.

De Inquisitie

Vanaf de 14de tot de 17de eeuw probeerde de Kerk in samenwerking met de Staat om de macht van de Heks systematisch en grondig te breken. Dat gebeurde in vele vormen en op vele manieren, maar hoedanook was de Inquisitie een terreurcampagne van de heersende klasse ten opzichte van de boerenklasse. Op momenten dat er meer boerenopstanden waren, werden er ook significant meer heksen verbrand.

De heksenvervolging strekte zich uit over heel Europa gedurende meer dan vier eeuwen aan een stuk. Er werden tienduizenden heksen gemarteld en verbrand – sommigen spreken over miljoenen – en het overgrote deel waren vrouwen en kinderen. In sommige Duitse steden werden makkelijk twee heksen per dag naar de brandstapel gebracht, in Wertzberg alleen al 1000 op één jaar tijd. In Toulouse werden op één dag vierhonderd heksen verbrand. In Trier werd er in 1585 zo grondig de bezem doorgehaald dat er in twee dorpen slechts één enkele vrouw overbleef…

Deze ‘Witch-Craze’ was geen hysterische lynchpartij van boeren met hooivorken. Het waren strikt georganiseerde campagnes – geinitieerd, gefinancierd en uitgevoerd door kerk en staat. Zo konden wettelijk gezien de heksenprocessen bijvoorbeeld enkel in gang worden gezet door een rechter of een priester.

De opkomst van de medische professie.

De heks wordt vandaag voornamelijk afgebeeld als een bijgelovige kwakzalverige gemene oude vrouw met wrattenneus (een ideaal kostuum voor carnaval en Halloween) terwijl het beeld van de dokter overwegend mannelijk, clean, verstandig, wetenschappelijk en behulpzaam is. Dit is echter ver van de werkelijkheid:

De heksenhelers werkten op basis van empirisch bewijs en het waren juist de dokters – ontstaan uit de heersende hogere klasse – die zich bezighielden met aderlatingen, vreemde rituelen, bloedzuigers en het vlees van oude geiten.

Een eeuw of twee voor het begin van de Witch-Craze begon de medische professie te ontstaan: er werden “medische” scholen opgericht waar voornamelijk theologische discussies werden gehouden en waar vrouwen niet toegelaten waren. Men had het over ‘types van temperamenten’ en bijhorende behandelwijzen, en studenten kregen haast nooit echte patiënten te zien. Alchemie en astrologie werden onderricht, terwijl anatomie weinig aandacht kreeg.

Paracelsus, de ‘vader van de moderne geneeskunde‘, biechtte in 1527 op dat hij alles wat hij wist had geleerd van ‘de Tovenares’.

Door van de geneeskunde een professie, een beschermd beroep, te maken en vrouwen uit de universiteiten te bannen, en daarnaast nog licensiewetten uit te vaardigen werd de lay-healer handig weggewerkt. Zo werd bvb op een zeker moment de forceps uitgevonden om bevallingen te “bespoedigen”, of zo werd het verkocht aan het volk. Tegelijk werd dit als een ‘chirurgisch instrument’ beschreven, en was het gebruik ervan voor niet-medici verboden in een poging om de vroedvrouwen-expertise uit te roeien. De georganiseerde vroedvrouwen van Engeland trachtten in de 18de eeuw nog de mannelijke indringers te beschuldigen van commercialisme en het gevaarlijk misbruik van de forceps, maar verloren het proces.

De mannelijke dokters kregen meer en meer het monopolie over geneeskunde in handen maar aangezien ze hun handen niet graag vuil maakten hadden ze mensen nodig die niet enkel hun keuzes niet in vraag zouden stellen maar ook gedienstig werkvolk zouden zijn. Om die reden werd de verpleegster in het leven geroepen.

Vanuit een seksistisch Victoriaans vrouwbeeld (‘de vrouw is van nature moederend en zacht en dus geschikt om zieken te verzorgen maar NIET om erover na te denken aangezien haar hersenpan daarvoor te klein is’ – dixit de toenmalige artsen) werden vrouwen opgeleid tot verpleegsters die poetsten, wasten, uitvoerden. Aanvankelijk uit de hogere en middenklasse, later vooral uit de lagere klasse en waarbij ze niet zozeer in technische vaardigheden werden opgeleid maar vooral in Goede Manieren en Netjes Thee Schenken. Ze moesten vooral uitblinken in gehoorzaamheid.

De archetypische ‘Lady with the Lamp’ Florence Nightingale, de grondlegster van de verpleegkunde, verzette zich tegen ieder idee vanuit de verpleegsters om meer autonoom te worden, vaardigheden te leren, te mogen onderzoeken en diagnosticeren. Ze vond dat “wanneer vrouwen probeerden om mannen na te doen ze sowieso niet verder geraakten dan derderangs mannen” en ze er dus beter helemaal niet aan begonnen.

Het medische patriarchaat voorbij?

Dat het medische patriarchaat verre van voorbij is, mag wel duidelijk blijken uit de strikte hiërarchische organisatie van de gezondheidszorg, waarbij nog steeds veelal mannelijke dokters uit de hogere klasse de plak zwaaien over het vooral vrouwelijke ‘dienstpersoneel’. Verpleegkundigen en vroedvrouwen krijgen ook vandaag in hun opleiding mee dat ze vooral moeten gehoorzamen aan mijnheer de doktoor.

Vroedvrouwen, die even medisch en even grondig zijn opgeleid als artsen als het gaat over de fysiologische, gezonde zwangerschap, bevalling en het normale kraambed, en die perfect weten wanneer ze moeten doorverwijzen naar andere specialisten, begeleiden in België zo’n luttele 2% van alle zwangerschappen – een verdubbeling sinds het laatste decennium, jochei.

Gyneacologen snijden nog steeds het grootste deel van de koek, ondanks hun seriële, vaak onpersoonlijke en eerder pathologisch georiënteerde aanpak: terwijl een vroedvrouw eventueel naar je woonst afzakt, ruim een half uur of langer de tijd uittrekt om je te onderzoeken en te woord te staan en tegelijk je andere kind op haar knie laat hobbelen, zal de gemiddelde gyneacoloog na je eerst drie kwartier te hebben laten wachten in de wachtzaal vol resistente ziekenhuisbacteriën jou in liefst minder dan tien minuten ‘afwerken’. Zelfstandige vroedvrouwen moeten bvb tijdens thuisbevallingen heel wat minder vaak doorverwijzen voor een keizersnede of andere vorm van kunstverlossing dan de gangbare kunstverlossingspercentages in ziekenhuizen. Wanneer bevallingen, thuis of in het ziekenhuis goed worden begeleid door een (zelfstandige) vroedvrouw duren deze vaak minder lang en is er veel minder vraag naar pijnstilling. Zelfstandige vroedvrouwen geven je de ruimte om in om het even welke houding te bevallen terwijl de meeste gyneacologen je het liefst plat op je rug zien met je benen in de beugels – zo kunnen ze alles goed zien en toch comfortabel zitten – terwijl het al heel erg lang heel erg duidelijk is dat frequent wisselen van houding en een meer verticale positie de zwaartekracht doen meehelpen, de doorbloeding van de uterus niet belemmeren en het bekken ruimer maken . Na een thuisbevalling blijft de vroedvrouw nog enkele dagen tot weken regelmatig aan huis langskomen, hetgeen bvb ook beter beschermt tegen latere mogelijke postpartum-complicaties als een embolie. Moeders beleven hun hele perinatale periode op een aangenamere manier, slagen beter in de borstvoeding en hebben minder traumatische bevalervaringen en postnatale depressies. Je zou hieruit eerder concluderen dat er een stormloop zou moeten zijn in de richting van de zelfstandige vroedvrouw.

Maar ondanks de betere statistieken (en neen, niet die uit Nederland die niks zeggen wegens het mee registreren van miskramen) http://medischcontact.artsennet.nl/nieuws-26/archief-6/tijdschriftartikel/86830/hoge-babysterfte-niet-door-thuisbevalling.htm vindt de machtige gyneacologen-lobby het nodig om, wanneer de zelfstandige vroedvrouw of de thuisbevalling in het nieuws komen woorden in de mond te nemen als middeleeuws en levensgevaarlijk, of wordt er een vergelijking gemaakt met ‘bevallen in de stal van Bethlehem’, met de vroedvrouw als ezel/os. http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=DMF20120710_00218169 http://www.standaard.be/artikel/detail.aspx?artikelid=DMF20120718_00227122

En w anneer moeders bij de gyneacoloog hun wens uiten om aangetoond veilig en ongestoord thuis te bevallen, weg van allerlei onnodige en gevaarlijke interventies, wordt nog te vaak de Dode Baby Kaart getrokken: “Mevrouw, u wilt uw baby toch niet in gevaar brengen??”

Z elfs de inquisitie blijkt nog niet helemaal achter ons te liggen: Agnes Gereb (http://www.freeagnesgereb.com/), een Hongaarse vroedvrouw die meer dan duizend baby’s thuis de wereld in begeleidde, zit al enkele jaren achter slot en grendel omdat zij vrouwen de mogelijkheid wou bieden om daar te bevallen waar en hoe zij zelf wensten. En ze is niet de enige. http://www.midwiferytoday.com/enews/enews1217.asp

Conclusie

De instelling van het patriarchaat in de medische wereld is bijzonder tastbaar en extreem geweldadig verlopen. Nergens worden in de Westerse wereld vrouwen, of ze nu verpleegkundigen, vroedvrouwen of (bevallende) moeders zijn, zo legaal en vakkundig de mond gesnoerd als in gezondheidszorg-instellingen.

Wij, het volk, kunnen hun status nochtans wel terug in ere helpen herstellen. Door verpleegkundigen te respecteren, hén aan te spreken, door voor vrouwelijke dokters te kiezen waar mogelijk. Door ervaringsdeskundige en veel beter opgeleide medewerksters van borstvoedingsorganisaties http://lalecheleague.be/lll-medewerkers.html te contacteren met vragen over borstvoeding ipv dokters en pediaters. En uiteraard door op z’n minst onze zwangerschappen te willen laten begeleiden door Vroede Vrouwen. http://www.vlov.be/algemeen/Zoek_een_vroedvrouw_in_de_buurt/ Of je nu wil thuisbevallen of niet.

Verder is het op z’n minst een interessant perspectief voor de feministische beweging om verder uit te werken: hoe zit het met geboorterechten http://www.geboortebeweging.nl/nl en vrouwenrechten? Hoe zit het met geneeskunde en vrouwenrechten tout court? En hoe komt het dan 66% van de Nederlandse medische studenten vrouwen zijn terwijl er slechts 33% daadwerkelijk arts wordt? Waarom is slechts 1 op 10 kaderleden in de medische sector een vrouw? (2010, VNVA) Waarom wordt de autonomie van de vroedvrouw in veel ziekenhuizen zo vakkundig de pan in gehakt? En wààrom toch blijft het percentage vrouwen die zich door een vroedvrouw laten begeleiden zo ontzettend laag? Hoe machtig is die gyneacologenlobby en hoe kan die macht getemperd worden??

Bronnen

Barbara Ehrenreich, Deirdre English, 1973. Witches, nurses and midwives – a history of women healers. Beschikbaar online: http://drbeardmoose.com/sitebuildercontent/sitebuilderfiles/witchesmidwivesandnurses.pdf

Lady Stardust, 2007. Burning women – the european witch hunts, enclosure and the rise of capitalism. www.alphabetthreat.co.uk/pasttense/pdf/burningwomen.pdf

Claudia Müller-Ebeling, Christian Rätsch, Wolf-Dieter Storl, 2005. Hexenmedizin: Die Wiederentdeckung einer verbotenen Heilkunst – schamanische Traditionen in Europa

Ina May Gaskin, 2011. Birth Matters: A Midwife’s Manifesta

Donna Read, 1990. ‘The Burning Times’ – documentaire. http://www.youtube.com/watch?v=aqRir6a3VHk